Overlijden g.a.aldus
'Na een langdurige ziekte...'
G.A. Aldus †
Na een langdurige ziekte is hij op ruim 50-jarigen leeftijd ontslapen. Sterk hebben wij hem nooit gekend, maar de krachten die hij had, gebruikte hij voor het goede doel.
1 juli 1902 begon hij zijn onderwijzersloopbaan te Nieuwerbrug en was vervolgens werkzaam te Deventer, Zwolle, Hengelo, Hoogeveen, Arnhem, Hilversum en Zeist.
Vanaf 1 Mei 1919 arbeidde hij aan Bartimeus, eerst als directeur, later als hoofd der school. Hier kwamen zijn gaven en talenten tot volle ontplooiing. Geboren organisator die hij was, deed hij Bartimeus spoedig worden tot een instituut, dat alom een goeden naam verwierf. Hij moest onderwijs geven, de braillebibliotheek inrichten, toezicht houden op het drukken van boeken, het Chr. Maandblad voor blinden, enz. En alles deed hij met groote opgewektheid, nimmer klagend over drukke werkzaamheden. Klagen deed hij trouwens toch nooit, ook niet toen hij de laatste jaren met zoo ontzaglijk veel moeite zijn werk moest verrichten. Voor de blinden had hij heel wat over. Hij stelde zich niet alleen tevreden met de gewone schoolopleiding, maar zag verder; de nazorg had zijn volle belangstelling, getuige mee zijn zitting nemen in de commissie voor de Alg. Ver. voor arbeid van Onvolwaardigen.
Van sleurarbeid was bij hem geen sprake. Het was altijd: wat zouden we nog voor onze blinde jongens en meisjes kunnen doen. Steeds zoeken naar nieuwe wegen en nieuwe methoden.
Dat de kinderen niet alleen moesten werken, maar ook hun ontspanning hebben, werd door hem niet veronachtzaamd.
De jaarlijksche schoolreis, het glanspunt van het jaar, deed hij van ’t begin af plaats hebben en menige blinde, die al sedert lang Bartimeus verlaten heeft, denkt nog met genoegen terug aan de jaarlijksche reizen, die hij op het instituut gemaakt heeft.
Door reclame, artikelen in verschillende tijdschriften, en door zijn boeken: ,,Het lichtlooze land” en ,,Blinde Hendrik” wist hij Bartimeus in ruimen kring bekend te maken.
Door zijn aangename omgang op school met het personeel en de kinderen had hij vele groote en kleine vrienden.
Boos hebben de kinderen hem zelden of nooit gezien, daarvoor was hij te gelijkmatig.
Zijn heengaan is voor ons een groot verlies. Naar den mensch gesproken had hij voor de blinden nog zoo veel kunnen doen, maar God heeft het anders beschikt.
Trooste Hij ook de diepbedroefde weduwe en kinderen.
Heden heeft op de Nieuwe alg. begraafplaats de teraardebestelling plaats.
