oprichting AVO
(algemeen vormend onderwijs)
De personen die bij de oprichting van de AVO betrokken waren, hadden een geheel andere achtergrond dan de CVLG-bestuurders. Ze waren voornamelijk verbonden aan landelijke en gemeentelijke overheidsinstanties die zich met arbeid of gezondheidszorg bezighielden. Voorzitter werd Prof. Mr. P.J.M. Aalberse, lid van de Tweede Kamer, secretaris-penningmeester werd W.F. Detiger, directeur van de Gemeentelijke Arbeidsbeurs in Amsterdam. Dr. N.M. Josephus Jitta, voorzitter van de Gezondheidsraad te Den Haag werd vice-voorzitter en Th. W. te Nuijl, voorzitter van de Raad van Arbeid in Deventer, werd tweede secretaris.
Verder waren bij de AVO-oprichting betrokken:
- G.A. Aldus, directeur van het Christelijke Blindeninstituut Bartiméus te Zeist
- Mr. P.W.J.H. Cort van der Linden, algemeen secretaris van het Verbond van Nederlandse Werkgevers
- Anth. Folmer, directeur van de Rijksdienst der Werkloosheidsverzekering en Arbeidsbemiddeling
- P.J. Fortanier, directeur van de Gemeentelijke Dienst voor Maatschappelijk Hulpbetoon in Rotterdam
- Dr. C.T. Kortenhorst, geneesheer van het 'Krankzinnigengesticht' te Vught
- C. van der Lende, hoofdbestuurder van het Nederlands Verbond van Vakvereenigingen te Amsterdam
- Mr. L. Lietaert Peerbolte, Directeur-generaal voor de Volksgezondheid
- C.J.P. Zaalberg, Directeur-generaal voor de Arbeid
Ter bestudering van allerlei deelonderwerpen werden door de AVO speciale commissies in het leven geroepen:
- Commissie voor werkgevers en werknemers
- Commissie voor geestelijk invaliden en zwakzinnigen
- Commissie voor lichamelijk invaliden en sociale verzekering
- Commissie voor blinden en slechtzienden
- Commissie voor doofstommen en slechthoorenden
- Commissie voor tuberculose-patiënten
- Commissie voor maatschappelijk hulpbetoon
Daarnaast werd in april 1930 een Raad van Advies ingesteld, samengesteld uit alle personen die in de bovengenoemde commissies zitting hadden.
zie ook het artikel Kantoorwerkzaamheden voor blinden

